Algemene oncologie - Urologische organen

Prostaatkanker

De prostaat maakt deel uit van het mannelijke geslachtsapparaat en bevindt zich tussen de urineorganen en de geslachtsorganen 
Prostaatkanker is de meest bedreigende kanker voor mannen. Een op de acht mannen ontwikkelt in de loop van zijn leven prostaatkanker. Het risico stijgt bij mannen die familiale antecedenten van prostaatkanker kennen. Men kan prostaatkanker verminderen door de mannen voor te lichten over deze ziekte, de risico's die zij lopen om deze kankersoort te ontwikkelen en de manieren om dat te voorkomen. 

De risicofactoren
Als je broer of je vader al prostaatkanker hebben gehad, verdubbelen je kansen om de ziekte te krijgen.
Kleurlingen lopen meer risico door een genetische factor.
Bepaalde leefgewoonten kunnen de risico's op ontwikkeling van deze kanker helpen verminderen: 

Beperk je verbruik van dierlijke vetten.
Eet veel voedingsmiddelen met lycopine, een antioxidant dat men in tomaten, watermeloenen en druiven vindt. 
Selenium en de vitamines A en D kunnen mogelijkerwijs helpen om prostaatkanker te voorkomen, maar alvorens er te nemen, bespreek je dit best met je arts om buitensporige dosissen te vermijden.

Eerste aanpak
Nadat ze met de patiënt gesproken hebben, kiezen de artsen voor de passende behandeling in functie van het stadium en de graad van de tumor, van de leeftijd van de patiënt en andere factoren. Soms beslissen ze om niet onmiddellijk een behandeling te beginnen. De patiënt wordt dan regelmatig onderzocht om een eventuele groei van de tumor op te sporen. De artsen noemen deze methode de "afwachtende" benadering. Deze keuze kan het meest efficiënt blijken wanneer het gezwel klein is en wanneer zijn graad langzaam evolueert. Talrijke jaren kunnen verstrijken alvorens men overgaat op een behandeling. Men zal dan op dat moment de behandelingssoort kiezen.
Toch hebben bepaalde patiënten tumoren die sneller evolueren. In dat geval kan de behandeling starten vanaf de kankerdiagnose.
Bij bepaalde patiënten wordt een chirurgische ingreep aanbevolen. De prostaat wordt volledig weggenomen. Als er geen verspreiding buiten de prostaat is, kan deze operatie een einde maken aan de kanker. Bij andere patiënten kan er radiotherapie toegepast worden. Bij verspreiding buiten de prostaat, waardoor een totale prostatectomie door een chirurgische behandeling onmogelijk is, wordt er vaak een beroep gedaan op radiotherapie.
Prostaatkanker wordt eveneens behandeld door hormonentherapie. In geval van verspreiding buiten de prostaat worden er hormonen toegediend aan de patiënt. De hormonale behandeling controleert maar geneest de kanker niet en de patiënt moet de behandeling voor de rest van zijn leven volgen. Bepaalde patiënten hebben een vorm van prostaatkanker die niet gecontroleerd kan worden door hormonentherapie. Die patiënten moeten dan chemotherapie volgen.

Symptomen
In de meeste gevallen zijn er geen symptomen. Wanneer de kanker meer verspreid is, kunnen er urinestoornissen zijn. Er is ook een massa voelbaar bij een rectaal onderzoek.

De verschillende behandelingen van prostaatkanker
Naargelang de leeftijd van de patiënt, zijn algemene gezondheidstoestand, de uitbreiding en de biologische agressie van zijn ziekte en zijn eventuele wensen, kunnen verschillende behandelingen voorgesteld worden:

- Therapeutische onthouding
Als toevallig een weinig agressieve ziekte ontdekt wordt bij een oudere patiënt of een patiënt met een slechte gezondheid kan therapeutische onthouding gerechtvaardigd zijn. Behandelingen kunnen in zo'n geval immers meer kwaad dan goed doen. De patiënt blijft toch onder toezicht. Zo kan een verergering van de ziekte, waardoor een actieve behandeling nodig zou zijn, opgespoord worden.

- Radicale prostatectomie 
Het is de behandeling bij uitstek van kanker die beperkt is tot de prostaat. De patiënt moet minstens een levensverwachting van tien jaar hebben en hij moet een belangrijke chirurgische ingreep aankunnen.

- Radiotherapie
Radiotherapie wordt, na de chirurgische behandeling,  voorgeschreven aan patiënten die zich melden  met een lokaal verspreide prostaatkanker. Deze behandeling richt zich eveneens hoofdzakelijk tot de patiënten van wie de ziekte gelokaliseerd is, maar die niet kunnen of niet willen geopereerd worden.

- Endoscopische resectie van de prostaat
Door deze behandelingen kunnen mictiestoornissen (problemen bij het plassen) verminderd worden, of kunnen de lokale groei of herhaalde of overvloedige bloedingen behandeld worden. Deze kenmerken treden gewoonlijk op nadat de ziekte zich gedurende verschillende maanden of jaren verder ontwikkeld heeft.

- Hormonale behandeling
Dit is een zogenaamde palliatieve behandeling. Het is de behandeling bij uitstek voor oudere patiënten of wanneer de ziekte zich verder verspreid heeft (metastasen). 

In bepaalde gevallen kan het nuttig of noodzakelijk zijn om twee verschillende van de hierboven vermelde behandelingen te combineren.

Elk geval is uniek. Voor hun beslissing baseren je artsen zich op de volgende punten: de gediagnosticeerde kankersoort, de graad van de kanker (graad van kwaadaardigheid), het stadium van de kanker, de wetenschappelijke bewijzen voor de doeltreffendheid van de behandeling voor deze kankersoort en je algemene gezondheidstoestand. Jouw artsen zullen je om inlichtingen vragen die hen helpen bij de keuze van de in jouw geval aangewezen behandeling. 
Je zal behandeld worden door een toegewijd team dat bestaat uit artsen, verpleegsters en andere specialisten. Aarzel niet om je tot een van deze zorgwerkers te richten als je hulp nodig hebt.

Nierkanker

Wat is de nier?
De nieren filteren het bloed om er de afvalstoffen uit te verwijderen en produceren urine.
De urine wordt naar de nierkelken geleid, die zich hergroeperen om het nierbekken te vormen. Het nierbekken gaat verder in de urineleider en eindigt in de blaas.
Gewoonlijk hebben we twee nieren. In bepaalde gevallen ontwikkelt een van beide nieren zich niet of atrofieert een van beide met de tijd. Soms moet een zieke nier chirurgisch weggenomen worden. Eén, goed functionerende, nier volstaat echter om een goede nierfunctie te garanderen.

Nierkanker is een kwaadaardige tumor die zich vanuit het nierweefsel heeft ontwikkeld, hij vertegenwoordigt 85% van de primaire niertumoren.
Nierkanker komt weinig voor, de ziekte vertegenwoordigt 2 tot 3% van de kankers bij volwassenen en komt dubbel zo vaak voor bij mannen als bij vrouwen.

Bevorderende factoren

  • De combinatie van zwaarlijvigheid en een verhoogde bloeddruk en, in een mindere graad, tabak. 
  • De blootstelling aan cadmium.
  • Er bestaan eveneens genetische factoren die verantwoordelijk kunnen zijn voor een erfelijke overdracht. 

De symptomen
De meeste patiënten die nierkanker hebben zijn asymptomatisch. Nierkanker kan raadselachtig zijn en kan zich op verschillende en atypische manieren openbaren.
Momenteel wordt de kanker in ongeveer 40% van de gevallen toevallig ontdekt tijdens een echografisch onderzoek dat meestal voor maag- of darmsymptomen wordt gevraagd. 

Uitwendige signalen zijn meestal: 

  • Hematurie in ongeveer 60% van de gevallen (het lozen van bloed in de urine) 
  • Pijn in 10% van de gevallen
  • Een voelbare tumor, in de vorm van buikmassa, in de holte van de lenden
  • Varicocele aan de rechterkant (uitzetting van de aders van de zaadstreng op het scrotum)

In een vergevorderd stadium zijn het algemene signalen: 

  • Gewichtsverlies
  • Verminderde eetlust
  • Koorts
  • Vermoeidheid

Of volgens de metastatische lokalisaties, zoals de long, het mediastinum, de beenderen, het centrale zenuwstelsel, de schildklier en de lever. 

Aanvullende onderzoeken die tot de diagnose leiden
Een echografie en een scan van de buik en het bekken waardoor de omvang, de plaatselijke uitbreiding van de tumor en de verspreiding naar de andere organen vastgesteld kan worden. 
Een hersenscan, een beenderscintigrafie en een UVI, intraveneuze urografie.
Hierna kan de diagnose bevestigd worden en kan men een behandeling voorstellen.

De behandeling
Bij nierkanker in het lokale stadium is de behandeling bij uitstek de gehele verwijdering van de nier. 
In bepaalde gevallen (kleine tumor, bilaterale tumor, algemene toestand van de patiënt) kan een gedeeltelijk behoudende chirurgie besproken worden (het wegnemen van een deel van de nier).

De nier wordt onder algemene verdoving weggenomen, meestal door een incisie onder de ribben, maar soms door een lumbale incisie. De volledige nier wordt weggenomen, alsook het perirenale vet, de klieren en soms de bijnier. De behandeling richt zich tot de patiënten waarvan de tumor gelokaliseerd is en die een ingrijpende operatie aankunnen. De ziekenhuisopname duurt gewoonlijk een week.

Andere mogelijke behandelingen:

  • Radiotherapie 
  • Chemotherapie 
  • Immunotherapie

Elk geval is uniek. Voor hun beslissing baseren je artsen zich op de volgende punten: de gediagnosticeerde kankersoort, de graad van de kanker (graad van kwaadaardigheid), het stadium van de kanker, de wetenschappelijke bewijzen voor de doeltreffendheid van de behandeling voor deze kankersoort en je algemene gezondheidstoestand. Jouw artsen zullen je om inlichtingen vragen die hen helpen bij de keuze van de in jouw geval aangewezen behandeling.
Je zal behandeld worden door een toegewijd team dat bestaat uit artsen, verpleegsters en andere specialisten. Aarzel niet om je tot een van deze zorgwerkers te richten als je hulp nodig hebt.

Zaadbalkanker

De zaadbal heeft twee verschillende functies: afscheiding van testosteron (het mannelijke hormoon) enerzijds, en de productie van spermatozoïden anderzijds.

Zaadbalkanker kan meestal genezen worden, met genezingscijfers die in de meeste gevallen bijna 100% bereiken. Men onderscheidt meteen al 2 soorten (seminoom en non-seminoom), die op een verschillende manier behandeld worden, aangezien de seminoma bijzonder gevoelig zijn voor radiotherapie.

De symptomen
Meestal wordt de kanker door de patiënt zelf ontdekt, in de vorm van een pijnloos, hard gezwel, waardoor de balzak vergroot. 
Soms voelt men ter hoogte van de balzak wat hinder, zelden voelt men een scherpere pijn. Soms vormt de recente toename van het volume van een testikel, dat daarvoor atrofisch was, aanleiding voor een onderzoek. 
De kanker kan eveneens ontdekt worden tijdens een fertiliteitonderzoek, in geval van een zaadbaltumor zijn er immers vaak vruchtbaarheidsproblemen.

De behandeling
Zodra de diagnose van zaadbalkanker gesteld is, wordt de patiënt preoperatief onderzocht door de uroloog. Er wordt zeker een longfoto genomen, en het beta HCG-, AFP- en LDH-gehalte wordt genomen.

Verwijdering of orchidectomie
Dit is de eerste fase van de behandeling. De zaadbal wordt onder algemene verdoving weggenomen, door een liesincisie (in de liesplooi). De incisie wordt nooit ter hoogte van de balzak gemaakt. Gewoonlijk plaatst men, na het wegnemen van de zieke zaadbal, uit cosmetisch oogpunt een zaadbalprothese in siliconen die even groot is als de andere zaadbal.
Zodra de kankersoort is vastgesteld door het microscopisch onderzoek van de weggenomen zaadbal, wordt het kankerstadium aangegeven door de gehaltebepaling van de markers en een buik- en borstscan. 
In functie van de kankersoort en het kankerstadium is een aanvullende behandeling van radiotherapie of chemotherapie gewoonlijk noodzakelijk.

Chemotherapie
Verschillende protocollen (de combinatie van verschillende geneesmiddelen die, volgens een bepaalde volgorde, in nauwkeurige dosissen worden toegediend) hebben al jaren hun grote doeltreffendheid in de behandeling van zaadbalkanker bewezen. In de loop der jaren is men geëvolueerd naar behandelingen die minstens dezelfde doeltreffendheid kennen, maar steeds minder bijwerkingen hebben. 

Elk geval is uniek. Voor hun beslissing baseren je artsen zich op de volgende punten: de gediagnosticeerde kankersoort, de graad van de kanker (graad van kwaadaardigheid), het stadium van de kanker, de wetenschappelijke bewijzen voor de doeltreffendheid van de behandeling voor deze kankersoort en je algemene gezondheidstoestand. Jouw artsen zullen je om inlichtingen vragen die hen helpen bij de keuze van de in jouw geval aangewezen behandeling.  
Je zal behandeld worden door een toegewijd team dat bestaat uit artsen, verpleegsters en andere specialisten. Aarzel niet om je tot een van deze zorgwerkers te richten als je hulp nodig hebt.

Peniskanker

Blaaskanker

Er bestaan twee zeer verschillende vormen blaaskanker:
Een oppervlakkige vorm, die zich min of meer tot het slijmvlies beperkt en minder erg is dan de tweede vorm, die eveneens kan doorgroeien in de spierlaag van de blaaswand (invasieve soort). 
De oppervlakkige tumoren, die 80 percent van de blaaskankergevallen vormen, kunnen echter recidiveren en invasief worden.

Het risico op blaaskanker is zeer hoog bij bepaalde beroepen en bij rokers, want de giftige stoffen uit de tabak worden via de nieren en de blaas verwijderd waar ze grote schade kunnen aanrichten. Ook personen die regelmatig pijnstillers innemen lopen een hoog risico.

De symptomen
Bloed in de urine vormt gewoonlijk het eerste teken dat zeer ernstig genomen moet worden. Deze pijnloze bloeding kan immers verschillende dagen, verschillende weken en zelfs verschillende maanden verdwijnen terwijl de tumor zich verder blijft ontwikkelen. Er kunnen andere symptomen optreden, bijvoorbeeld moeilijkheden om te plassen, vaak en dringend moeten plassen, een brandend gevoel of pijn in de buurt van de blaas. Als de tumor bovendien druk uitoefent op de verbinding van een of van beide urineleiders met de blaas, kan hij een obstructie van de nieren veroorzaken.

De diagnose
De diagnose wordt gesteld door een urineonderzoek (onderzoek naar de cellen) en door een cystoscopie (onderzoek van de blaas met behulp van een soepel instrument dat in de urineleider wordt ingevoerd). 
Indien nodig, wordt de diagnose bevestigd door een röntgenfoto, een ultrasonografie of een scan. 
De biopsie (afname van cellen) is vaak absoluut noodzakelijk om de tumorsoort te bepalen. 
Uiteindelijk kunnen andere onderzoeken nuttig blijken om een long- of botmetastasen uit te sluiten (verspreiding van de kwaadaardige cellen van de blaas naar andere organen).

De behandeling
De chirurgische behandeling wordt soms gecombineerd met chemotherapie of radiotherapie.
De oppervlakkige tumoren, die zich alleen in het blaasslijmvlies bevinden, kunnen gewoonlijk elektrisch vernietigd worden met behulp van een instrument dat men via de urineleider in de blaas brengt. In geval van een recidief, kan men ook rechtstreeks antitumorale geneesmiddelen in de blaas toedienen met behulp van een katheter om de evolutie van de ziekte te vertragen.

De invasieve tumoren die diep in de spierwand van de blaas doordringen of de oppervlakkige gezwellen die snel evolueren, kunnen slechts behandeld worden door het chirurgische wegnemen van de blaas.  Bij de man houdt dit ook de verwijdering in van de prostaat, van de afvoerkanalen en de zaadblaasjes.
Bij deze ingreep wordt er ook een functionele reconstructie van de urineblaas gepland.

Elk geval is uniek. Voor hun beslissing baseren je artsen zich op de volgende punten: de gediagnosticeerde kankersoort, de graad van de kanker (graad van kwaadaardigheid), het stadium van de kanker, de wetenschappelijke bewijzen voor de doeltreffendheid van de behandeling voor deze kankersoort en je algemene gezondheidstoestand. Jouw artsen zullen je om inlichtingen vragen die hen helpen bij de keuze van de in jouw geval aangewezen behandeling.
Je zal behandeld worden door een toegewijd team dat bestaat uit artsen, verpleegsters en andere specialisten. Aarzel niet om je tot een van deze zorgwerkers te richten als je hulp nodig hebt.

Preventie en opsporing van blaaskanker

Preventie
Personen die stoppen met roken en geen pijnstillers meer nemen, verminderen hun risico op blaaskanker.


Vroegtijdige opsporing 
Bloed in de urine is een alarmsignaal dat altijd zeer ernstig moet genomen worden. Men moet dan meteen een arts raadplegen zodat een eventuele tumor in een vroegtijdig stadium ontdekt kan worden. 
Men kan oppervlakkige tumoren immers genezen, in tegenstelling tot de vergevorderde tumoren die een zeer slechte prognose kennen.
Personen die een risicoberoep uitoefenen, moeten zich vandaag de dag regelmatig laten onderzoeken (urineonderzoeken, cystoscopie). Dit wordt door de arbeidsgeneeskunde opgelegd om eventuele tumoren in een vroegtijdig stadium op te sporen.